INTENSIVE CARE : BANKEN EN ONDERNEMERS CLASHEN Intensief beheer bij de banken is een strijd op leven en dood.



De controverse over intensief beheer, de afdeling van de grootbanken die bedrijven in moeilijkheden begeleidt, blijft duren. Aan de basis ligt een fundamenteel verschil in perceptie en ervaring bij de twee partijen. Wat niet wegneemt dat sommige praktijken veel schade berokkenen, zowel bedrijfseconomisch, maatschappelijk als menselijk.

Tien jaar geleden publiceerde Trends een ophefmakend artikel over de afdeling ‘intensief beheer’ van bepaalde banken. Dat is de afdeling waar banken ondernemingen onderbrengen die worstelen met financiële problemen. Intensief beheer zou hen er weer bovenop moeten helpen. “Wij zijn er om kmo’s doorheen een moeilijke periode te helpen”, luidt de officiële versie.

De realiteit is minder rooskleurig. Intensief beheer lijkt in de praktijk eerder opgezet om het kredietrisico voor de bank te beperken en om zoveel mogelijk resterende waarde te recupereren. Zo trekt de afdeling vaak als eerste maatregel de rentetarieven op van uitstaande schulden. Niet met een halve procentpunt, maar dikwijls tot het niveau van woekertarieven boven 10 procent. Wat de bedrijven, die al in ademnood verkeren, dieper in de put duwt.

In 2016 was Nick Hoflack de zeldzame ondernemer die de kat de bel aanbond. Anderen deden er liever het zwijgen toe, uit schaamte of omdat ze geen middelen of energie meer hadden om te procederen. Hoflack waarschuwde andere ondernemers dat bij een verwijzing naar intensief beheer alle alarmsignalen moeten afgaan. Officiële cijfers zijn er niet, maar het lijkt of veel bedrijven die op intensief beheer terecht komen uiteindelijk failliet gaan.

In Nederland boog de financiële toezichthouder AFM zich in dezelfde periode over de klachten van Nederlandse kmo’s over intensief beheer bij Nederlandse banken. De conclusie van het rapport was dat ondernemingen en banken vertrekken vanuit een verschillend verwachtingspatroon. De eerste zien intensief beheer als een hulplijn voor mogelijk herstel terwijl banken het vooral zien als een maatregel om hun kredietrisico te beheersen. Een belangrijk pijnpunt was dat de banken de ondernemers vaak voor voldongen feiten plaatsten en te weinig uitleg verschaften voor de extra kosten die ten laste van de onderneming vielen. Veel ondernemers ervaren de communicatie van de banken daardoor als intimiderend. Op die momenten beschouwen ze hun bankier allesbehalve als een ‘compagnon de route’.

Anno 2026 lijkt er weinig veranderd. Trends werd gecontacteerd door verschillende ondernemers die de voorbije jaren gelijkaardige ervaringen opdeden. De cases die we hierna vermelden zijn van de ondernemers die bereid waren om met naam en toenaam te getuigen. Toevallig of niet is de rode draad doorheen hun verhaal de Vlaamse bank verzekeraar KBC, de belangrijkste financier van kmo’s in Vlaanderen.

Twee rechtbanken, twee tegenovergestelde vonnissen

Patrick Peumans herkent zich in het verhaal van Nick Hoflack van 10 jaar geleden. Hij ziet een duidelijk patroon waarmee hij eveneens geconfronteerd werd bij twee van zijn ondernemingen: “KBC zegt alle kredieten op, ze blokkeren je rekeningen en laten een bewindvoerder door de rechtbank aanstellen. En dan ben je machteloos.” Peumans is vandaag nog de eigenaar van een boekhoudkantoor, maar het landbouwbedrijf (Hoeve Hoogboschveld) en de groenten- en fruithandel (Marna) die hij uitbaatte zijn failliet verklaard.

Hij deed naar eigen zeggen nochtans voorstellen aan KBC om privé-vastgoed te verkopen en zo middelen vrij te maken om zijn bedrijven te redden. Maar hij vond geen gehoor bij de bank. “Mijn aanvoelen is dat, als de bank in een kredietdossier vastgoed als onderpand heeft, ze er de voorkeur aan geeft die waarde te realiseren en het bedrijf overkop te laten gaan”, zegt hij. In zijn geval was er bovendien een waarborg van 245.000 euro uitgeschreven door de Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV), waarop KBC aanspraak kon maken. Peumans diende een klacht in tegen de werkwijze van de bank en kreeg bij de ondernemingsrechtbank gelijk. In hoger beroep velde de rechter evenwel een volledig tegenovergesteld vonnis. Waar de eerste rechter de bank nog zwaar op de vingers tikte, stelt de tweede de bank volledig in het gelijk. De ondernemingsrechtbank oordeelde dat KBC haar recht om het krediet op te zeggen misbruikte. Marna had op het moment van de opzegging immers geen enkele betalingsachterstand bij KBC. Alle leningen werden punctueel terugbetaald. De rechtbank vond ook dat Marna realistische voorstellen deed om de liquiditeit te verbeteren maar de bank schoof die zonder uitleg opzij. En door onmiddellijk de rekeningen van Marna te blokkeren maakte KBC het de onderneming onmogelijk om verder te werken, wat volgens de rechter rechtstreeks naar het faillissement leidde.
Het Hof van Beroep vernietigde dit oordeel en stelde dat de bank wel degelijk correct handelde. Deze rechter focuste op de tekortkomingen van Marna, zoals een gebrekkige rapportering waardoor de bank de werkelijke financiële toestand niet kon controleren. De reddingsplannen van Patrick Peumans deed het hof af als ‘vage beloften’ en verder verwijst het naar ‘onregelmatigheden met cashstromen’, schulden bij de RSZ en beslagen gelegd door andere leveranciers. Voldoende elementen volgens de rechter om van een vertrouwensbreuk te spreken en de kredieten op te zeggen.
Eenzelfde verhaal bij het landbouwbedrijf van Peumans. Ook hier verschillen de vonnissen door de interpretatie van de rechter over hoe een bankier zich hoort te gedragen. De ondernemingsrechtbank vond dat de bank veel te brutaal en onredelijk snel had ingegrepen. Slechts vier dagen voor de bank alle kredieten opzegde, stuurde ze nog een ‘vriendelijke’ brief om samen een oplossing te zoeken. De betalingsachterstand bedroeg bovendien minder dan 5.000 euro op een totaal krediet van 1,8 miljoen euro, terwijl de waarborgen hoger waren dan 1,8 miljoen. De rechter vond dat de bankier zich als een partner moet opstellen, en geduld moet aan de dag leggen zodat een bedrijf tijd krijgt om zijn problemen aan te pakken.
Het Hof van Beroep vernietigde dit vonnis en had daarbij vooral oog voor de plichten van de ondernemer. Deze rechter ging ervan uit dat een bankier in de eerste plaats een risicobeheerder is. Als een klant geen betrouwbare boekhouding of een onderbouwd businessplan kan voorleggen, kan de bank volgens hem de risico’s niet langer correct inschatten. Desgevallend is er sprake van een vertrouwensbreuk en is de bank niet verplicht om te wachten tot het schip definitief zinkt, aldus het Hof.

Negatieve energie

“Ik stel vast dat kmo’s niet altijd voldoende competenties in huis hebben om goed onderbouwde financieringsdossiers bij de bank in te dienen of te verdedigen”, zegt Edwig Tanghe van Novitrust, die jarenlange ervaring heeft met bedrijfsfinanciering en auteur is van o.a. ‘Veerkracht bij Ondernemers’. “Ook inzake rapportering zijn er soms hiaten. Ondernemers laten dat over aan hun boekhouder maar daardoor zijn de cijfers die de bank krijgt vaak achterhaald, fragmentarisch of onduidelijk. Veel bankiers klagen daarover.” “De rapportering komt ook vaak te laat en blijft beperkt tot een boekhoudkundige staat zonder de essentie van het probleem helder te brengen: hoe zijn we in deze situatie verzeild geraakt, wat gaan we eraan doen en wanneer is het écht opgelost? Accountants beperken zich vaak tot de balans en de resultatenrekening terwijl het toch allemaal om toekomstige cash draait”, aldus Tanghe.

Als adviseur kent Tanghe het klappen van de zweep bij de afdeling intensieve zorgen: “Als je bij intensive care komt, heb je niet langer met een bankier te maken maar met juristen. Die denken veel te weinig bedrijfseconomisch mee. Zij kijken in de eerste plaats naar de waarborgen die eventueel kunnen uitgewonnen worden. De relatiebeheerder die fungeerde als contactpersoon krijg je als onderneming niet meer te zien.
”Ook voor het carrièrepad van deze bankier is dat niet bevorderlijk, weet Tanghe: “Een éminence grise van de grootbanken vertrouwde me ooit toe dat hij zijn directiefunctie voor een groot deel te danken had aan het feit dat ‘zijn’ bank nooit had moeten afschrijven op een kredietdossier van enige omvang. Een andere grootbank gaf toe dat hun ‘intensive care’ negatieve energie is die snel toevertrouwd moet worden aan juristen, zodat de commerciëlen, de accountmanagers, de positieve energie behouden om business binnen te halen. Ik kan dat ergens wel kaderen, maar toch…”

Notaris wakker bellen

En wanneer kom je op intensieve zorgen? “Van zodra een schuldeiser beslag legt op activa of van zodra er een vermoeden is dat iemand dat gaat doen. Vandaar dat grote schulden bij de fiscus of de RSZ als een risicofactor gelden, omdat de overheid snel geneigd is beslag te leggen. Beslagen betekenen immers minder waarborgen, en dan neemt de bank geen enkel risico en wordt er heel snel geschakeld”, zegt Tanghe. “Een bank zal er alles aan doen om te vermijden dat ze kredieten moet afschrijven en wil daarom vooral niet dat andere schuldeisers haar te snel af zijn.”
Dat is ook de ervaring van Piet Lambrecht, adviseur bij de vzw 'Boeren op een kruispunt' die landbouwbedrijven in moeilijkheden begeleidt. ;Wanneer een faillissement dreigt, proberen banken zich bij de bevoorrechte schuldeisers te plaatsen. Dat zijn naast de overheid de hypothecaire schuldeisers. Dus als een bank een hypothecair mandaat heeft, zal ze dat in zulke gevallen omzetten. Dat gebeurt op kosten van de onderneming, waardoor diens financiën er niet op verbeteren.” Tanghe: “Eénmaal op intensieve zorgen wordt een onderneming behandeld als risicokapitaal. Daarom worden de intresten op de kredieten meteen opgetrokken tot ruim boven 10 procent. Ik ken een concreet dossier waarin zonder pardon 18% aangerekend werd. Via de inschakeling van een dure advocaat werd dit teruggebracht naar 8%.” “Het blijft tergend dat er zo veel kosten gemaakt worden met centen die het bedrijf op dat moment broodnodig heeft”, vervolgt Tanghe. De bank wentelt volgens hem alle mogelijke
kosten automatisch op de onderneming af: “Ik heb het meegemaakt met een groot bedrijf dat zijn convenanten had geschonden. De bank belde ’s nachts de notaris uit bed om de hypothecaire volmacht om te zetten in een hypotheek, waardoor ze hun waarborgen veiliger stelden. Ook al kostte dat de onderneming een pak geld die het voor haar exploitatie broodnodig had.”

‘Kriminele Bank Corporatie’

Sommigen beweren dat er achter de woekerintresten en het uitwinnen van de waarborgen een verdienmodel voor de bank schuil gaat, maar daarvan kon Trends geen bewijs of bevestiging krijgen. Ook Tanghe wil dit verhaal nuanceren: “Ik ben ervan overtuigd dat kmo’s intensief beheer kunnen overleven. Als er voldoende waarborgen zijn en ondernemers de bank kunnen overtuigen met een goed plan en transparante communicatie, zal er niet snel op een faling aangestuurd worden. En wat zeker ook helpt is als je als ondernemer zelf een bijkomende inspanning kunt doen. Als een bank gelooft dat een ondernemer weet waarmee hij of zij bezig is, is de kans op overleven reëel. De essentie is altijd: is het probleem te wijten aan een ‘accident de parcours’ of is het een structureel gegeven, en heeft het bedrijf een scenario en de competenties om dit op te lossen.”
Piet Lambrecht bevestigt: "Als een onderneming nog te redden valt, de ondernemer daareen deftig plan voor opstelt en open communiceert, zoeken banken mee naar oplossingen";, zegt hij.

Voor Philip Deutz was dergelijk scenario niet van toepassing. Hij richtte in 1999 de internet- en telecomprovider Edpnet op. De onderneming leverde mobiele telefonie en internetdiensten aan bedrijven. Ze kende een mooie groei in eigen land en in het buitenland. Deutz investeerde ook in de vastgoed- en luchtvaartsector. Tot KBC in 2022 de kredietvoorwaarden eenzijdig wijzigde en even later alle kredieten opzegde. Op de uitstaande schulden, die hypothecair gedekt waren, werd een woekerintrest van 14 procent gelegd. Nochtans was het bedrijf w instgevend en had het meer dan voldoende activa op de balans om de kredieten af te dekken.

Het conflict draaide over het incassosysteem van Edpnet en de  financiering van een cashpool. Een systeem waarin KBC tot dan toe geen graten zag. De bank beschuldigde Deutz van ongelmatigheden en fraude, en diende een strafklacht met burgerlijke partijstelling tegen hem in. Het gerechtelijk onderzoek hierover loopt nog. De ondernemingsrechtbank van Dendermonde stelde, op verzoek van KBC, een voorlopig bewindvoerder aan. Uiteindelijk werden alle activa in beslag genomen. Het handelsfonds van Edpnet werd voor 21 miljoen euro verkocht aan Proximus (dat het later doorverkocht aan Citymesh uit de Cegeka-groep). Het gerecht in Dendermonde legde beslag op dat geld. Deutz zelf werd in 2023 persoonlijk failliet verklaard. Omdat zijn ouders zich voor een bepaald bedrag garant gesteld hadden, nam KBC ook hen in het vizier. Het bejaarde echtpaar diende op zijn beurt een strafklacht tegen KBC in. De Brusselse raadkamer oordeelde vorig jaar dat die klacht tegen de bank ontvankelijk kan worden verklaard. Deutz’ ouders betichten KBC van oplichting, valsheid in geschrifte, misbruik van vertrouwen en diefstal.

De moeder van Philip Deutz is Gabriëlla Cleuren. Zij is een vrij bekende Belgische kunstschilder en artieste. In haar maandelijkse nieuwsbrief haalt ze regelmatig uit naar de ‘Kriminele Bank Corperatie’ (KBC) en bepaalde Vlaamse gerechtsmandatarissen ‘die het werk van hardwerkende ondernemers kapot maken voor eigen geldgewin’. Los van wie de waarheid in pacht heeft, geeft ze een inkijk in de menselijke schade die werd aangericht: “Je oude dag wordt verpest, je goederen verbeurd verklaard alsof je niet bestaat. Ze dreigen je uit je 50 jaar lang bewoonde huis -nog door je ouders gefinancierd en ontworpen te zetten. Ze doen alsof je niet bestaat, geen enkel recht hebt. Met een eenvoudige truc: ze verklaren je failliet. Dat kan zomaar in België. Vanaf nu dient je pensioen om de huur op je eigen huis af te troggelen. Je kunt nog nauwelijks eten. Al je geld en bezittingen hebben ze geënterd. Geen haan kraait ernaar en nergens word je gehoord. Je mag creperen op je 83 ste na een heel leven van hard werken. Van je oude dag blijft alleen onrecht en ellende over.”

Onrecht aangedaan

Ondanks alles blijft Cleuren strijd voeren. Ze richtte een website en -blog op onder de titel ‘Onrecht aangedaan’. Daar verzamelt ze artikels en getuigenissen van mensen die gelijkaardige zaken hebben meegemaakt. Op de site verscheen eerder dit jaar het verhaal van Yves Langeraert, die zich een ‘financiële gijzelaar’ van KBC noemt. De Leuvenaar verblijft momenteel in Zwitserland waar hij een AI start-up opzet. Langeraert had bij KBC een overbruggingskrediet en een lopend woonkrediet gekregen om een tijdelijk huis en bouwgrond te kopen, maar hij weigerde later een investeringskrediet voor een tiny house omdat hij niet persoonlijk borg wilde staan.
Daarop zegde de bank eenzijdig het lopende woonkrediet alsook de klantenrelatie op. Omdat zijn woning onder een hypothecaire volmacht van KBC valt, kan hij niet zonder risico van bank veranderen. Langeraert, overigens een oud-medewerker van KBC, vreest daardoor niet langer kredietwaardig te zijn en zijn huis te verliezen: “Contacten met het hoofdkantoor en andere medewerkers leverden niets op. Telkens werd ik terugverwezen naar dezelfde directeur, die volgens mij elke verdere communicatie weigert. Ik stapte intussen naar toezichthouders en ombudsdiensten, zonder resultaat.”

Patrick Peumans is ervan overtuigd dat nog veel meer ondernemers het slachtoffer zijn van medestanders, een stichting/vzw oprichten om andere slachtoffers te ondersteunen. De vereniging wil ook een meldpunt zijn waar ondernemers hun ervaringen kunnen delen. Slachtoffers kunnen zich melden bij info@nojustice.eu


KBC REAGEERT: 

‘Kmo’s hebben niet altijd voldoende competenties in huis om goed onderbouwde financieringsdossiers bij de bank in te dienen of te verdedigen’ EDWIG TANGHE, NOVITRUST

‘ONZE FOCUS LIGT OP DE JUISTE DIAGNOSE EN ZOEKEN NAAR EEN OPLOSSING’

 Naar aanleiding van de getuigenissen over intensief beheer, vroeg Trends aan KBC om een reactie. De bank kreeg geen inzage in het artikel of in de namen van de ondernemers die getuigden. In algemene bewoordingen confronteerden wij de bank met de inhoud van het stuk en stelden wij enkele vragen over het opzet en de organisatie van de afdeling intensief beheer. Hierna drukken wij integraal de reactie van KBC af. 

Voor ons is intensief beheer in de eerste plaats tijdig ingrijpen wanneer ondernemingen in moeilijkheden komen, met als doel hun situatie te stabiliseren en opnieuw perspectief te bieden. Je kan intensief beheer vergelijken met een ziekenhuis. Wanneer een dossier binnenkomt, starten we met een grondige diagnose. Die diagnose wordt met de klant besproken, waarna we een oplossing voorstellen. In ongeveer 95 procent van de gevallen volgen klanten die aanbeveling en herstellen ze hun situatie. Dat is waar onze focus ligt: tijd en expertise investeren in een juiste diagnose en een werkbaar herstelplan. Ook van deze positieve trajecten kunnen wij diverse getuigenissen en voorbeelden aanreiken waar klanten opnieuw perspectief vinden en hun ondernemerstoekomst met vertrouwen tegemoet zien. We zijn ons er tegelijk van bewust dat dit voor ondernemers vaak een moeilijke en soms ook emotioneel zware periode is.”

Wanneer komt een onderneming in intensief beheer?

“Dat gebeurt wanneer er duidelijke signalen zijn dat de financiële situatie verslechtert en de continuïteit onder druk komt te staan. We baseren ons daarbij op een combinatie van informatiebronnen, waaronder publieke databanken, het gedrag en profiel van de onderneming, naast de input van onze relatiebeheerders.

Er zijn enerzijds duidelijke triggers zoals een onderneming die bijvoorbeeld in een gerechtelijke reorganisatieprocedure zit, een licentie/ exploitatievergunning ziet ingetrokken, meermaals om uitstel van betaling heeft gevraagd, een achterstal op haar contractuele afbetalingen heeft van meer dan 90 dagen… Anderzijds kan het gaan om een combinatie van signalen zoals verlieslatende activiteit, liquiditeitsdruk, fraude, onenigheid in bestuur, onvoldoende transparantie…”

Wat doen jullie concreet? 

“In deze fase focussen we op: analyse van de oorzaken, afspraken en herstelplan met management en aandeelhouders, actieve opvolging en bijsturing. We zien in de praktijk dat ondernemingen na zo’n periode dikwijls opnieuw kunnen groeien, investeren of uitbreiden. In bepaalde gevallen verstrekken we ook bijkomend krediet om een moeilijke periode te overbruggen, uiteraard binnen aanvaardbare grenzen.” Waarom worden soms hogere rentetarieven aangerekend?

“Aangerekende rentetarieven zijn onder meer in functie van het risicoprofiel van een onderneming, want hoe hoger het risicoprofiel, hoe meer kapitaal de bank moet aanhouden. Hoe hoger het risicoprofiel, hoe hoger de aangerekende rente dus zal zijn maar uiteraard altijd binnen de grenzen van wat contractueel overeengekomen is. De rente kan enkel verhoogd worden als een clausule (leverage ratio) in het contract vermeld is, wat niet altijd het geval is.” Kredietopzeggingen zonder betalingsachterstand?

“KBC heeft er geen belang bij een onderneming in faling te laten gaan. Dan verliezen we niet alleen een klant, maar ook middelen. Onze aanpak is er daarom op gericht om ondernemingen maximaal te ondersteunen en samen met management en aandeelhouders te werken aan herstel.”

Wanneer en waarom vraagt de bank de aanstelling van een voorlopige bewindvoerder? “Dit is een wettelijk geregelde procedure en enkel mogelijk indien er ernstige indicaties zijn dat de faillissementsvoorwaarden vervuld zijn, de continuïteit van het bedrijf twijfelachtig is en er bestuurlijke tekortkomingen zijn. Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen zal KBC naar de rechtbank stappen met het verzoek een voorlopige bewindvoerder aan te stellen.” Resultaten van intensief beheer?

“In 2025 hebben we 7 procent van de dossiers niet terug kunnen rechttrekken en jammer genoeg moeten afschrijven. Daarnaast is 28 procent van de portefeuille in Intensief Beheer terug uitgestroomd en dus opnieuw ‘up and running’. De resterende dossiers blijven dus langer in 'beheer' totdat ook zij een goede uitkomst zullen krijgen.”

Samenstelling team Intensief Beheer?

“Onze teams bestaan zowel uit economen als kredietexperten met één doelstelling: de betrokken onderneming een levenslijn toe te werpen, en tegelijk ook de risico’s voor de bank te vermijden. Onze juristen worden pas ingeschakeld wanneer hun specifieke expertise vereist is.”

De artikelen zoals gepresenteerd in Trends >>

Artikel uit Trends van 2022 geschreven door Patrick Claerhout >>